Matigheid

De Kardinale deugden zijn: Wijsheid, Rechtvaardigheid, Moed en Matigheid. Het zijn tevens de Stoïcijnse deugden. Aan alle vier deze deugden wil ik in mijn komende blogposts aandacht besteden. Te beginnen met Matigheid. Die Deugd lijkt van de vier redelijk te doen. Maar als ik even doordenk zie ik heel wat beren op de weg naar mijn streven meer Stoïcijn te zijn. Maar goed, laat ik de strijd moedig aanpakken (sla ik twee deugden in een klap).

Bij Matigheid ligt het voor de hand om aan eten en drinken te denken. Dat is op zich al moeilijk genoeg. De verleidingen liggen overal op de loer. Op zonovergoten terrasjes, in donkerbruine kroegen, bij leuke eetstalletjes en in fijne restaurants. Kortom je wordt van alle kanten belaagd. Door de geur van verse stroopwafels op de markt, door de vriend die je nog een wijntje aanbiedt (kom op man nog eentje), door het aanbod van taart terwijl je het bij een espresso wil houden. Het is een strijd, een keiharde strijd, om daar de matigheid te vinden. Ik denk dat ik (ik ben tenslotte een creatieve geest) een simpele oplossing heb gevonden als het op eten en drinken aankomt. Daarover verderop meer. Maar er zijn ook nog zaken als te vaak nieuwe kleding kopen. Matig zijn met energiegebruik. Auto vaker laten staan en gaan fietsen. Liever nog te voet, dat past een Stoïcijn beter.

Matigheid is een belangrijke deugd en raakt vaak aan andere deugden als bescheidenheid bijvoorbeeld. Want denkend over Matigheid kwam ik op andere zaken als eten en drinken en overige consumptie. Ik heb de neiging om in dialogen te veel aan het woord te zijn. Daar wil ik matiger in worden. Een vraag levert over het algemeen meer op dan een mening, nietwaar. Dus moet ik mij voortaan iets bescheidener opstellen. Dat wordt wel een hell of a job, want ik heb natuurlijk wel vaak gelijk.

Nu mijn simpele oplossing: van alles de helft!

Ik ben een mens van oplossingen, een creatief, een conceptontwikkelaar. Vandaar dat ik het format ‘de helft is ook genoeg’ in de wereld wil zetten. Als ik matiger wil zijn zal ik simpelweg genoegen moeten nemen met de helft. Laat ik dat tweede glas wijn staan, eet ik de helft minder, loop ik liever dan ik fiets, want dat gaat op halve snelheid. Ga ik een keer per maand uit eten in plaats van twee keer of vaker. Als ik dit gedrag breed in mijn leven kan verweven ben ik aardig op weg. Of het lukt is nog even de vraag want ik blijf natuurlijk een Stoïcijn van niks.

Het belang van Matigheid vind je niet alleen bij de Stoïcijnen, ook Paus Johannes Paulus de II sprak zich er over uit. Ik ben geen gelovig mens maar vind zijn visie op matigheid mooi.

De matige mens is iemand die zichzelf meester is. Iemand in wie de hartstochten niet de overhand hebben over het verstand, de wil en ook over het ‘hart’. De mens die zichzelf weet te beheersen! Indien dat zo is, zien we gemakkelijk in welk een fundamentele en wezenlijke waarde de deugd van matigheid heeft. Zij is zonder meer onontbeerlijk voor de mens om geheel en al mens te ‘zijn’. Men behoeft maar te kijken naar iemand die meegesleept door zijn hartstochten er het ‘slachtoffer’ van wordt, en zelfs van het gebruik van zijn verstand afziet (zoals bijvoorbeeld een alcohol- en een drugsverslaafde), en we stellen met duidelijkheid vast dat ‘mens-zijn’ het eerbiedigen van zijn eigen waardigheid betekent, en zich daarom onder andere laat leiden door de deugd van matigheid.